Incidentmanagement

RISK Organisatie kan u adviseren en begeleiden bij incidentmanagement.
Een dergelijke opleiding is bijvoorbeeld ‘First Responder’ maar gezien de specifieke eisen en voorzieningen is een dergelijke opleiding altijd maatwerk. Indien uw organisatie behoefte heeft aan een dergelijke opleiding neemt RISK Organisatie graag uw wensen met u door.

Werken aan de weg

Wegwerkers regelmatig te weinig beschermd tegen aanrijding
INSPECTIE – Bij een op de drie plekken waar aan de weg wordt gewerkt, zijn de wegwerkers onvoldoende beschermd tegen aanrijdingen. Dat blijkt uit controles van de Arbeidsinspectie op 213 wegenbouwlocaties.

Op 21 locaties legde de Arbeidsinspectie het werk stil omdat het risico op een ongeluk onaanvaardbaar hoog was. Volgens de wegenbouwbedrijven vinden veel opdrachtgevers – meestal gemeenten en provincies – het belangrijker dat het verkeer weinig hinder ondervindt dan dat de werkplek zo veilig mogelijk is. De situatie is wel iets verbeterd ten opzichte van vorige controles van de Arbeidsinspectie in 2007.

Aanrijdgevaar is al jaren het belangrijkste risico voor wegwerkers. Dat werd nog eens onderstreept door twee dodelijke ongevallen in de inspectieperiode (juni – november 2009). Eén slachtoffer werd aangereden door een passerende auto, de ander door een voertuig in het afgezette weggedeelte. Tijdens de vorige controles in 2007 waren meer locaties niet in orde dan nu, maar de situatie is te vaak nog onder de maat.

Een ander punt waarop de locaties werden geïnspecteerd was de bescherming tegen gevaarlijke stoffen. Asfalt bevat kwarts en asfalt ouder dan twintig jaar bevat nog teer. Beide stoffen zijn kankerverwekkend. De bescherming hiertegen is in het algemeen goed; eenmaal is om deze reden het werk stilgelegd. Inspecteurs stuitten bij de controles bovendien op een ander risico: verontreinigde grond. De Arbeidsinspectie heeft hiernaar nog geen uitgebreid onderzoek gedaan, maar ze vindt dit een serieus probleem waarmee wegenbouwers rekening moeten houden.

Bron: Arbeidsinspectie

Ziekte van lyme

Meer mensen met de ziekte van Lyme
WAGENINGEN – Het aantal mensen met de ziekte van Lyme groeit explosief. Dat melden onderzoekers van de Wageningen Universiteit.

De ziekte wordt overgebracht door teken en kan gewrichten en het zenuwstelsel aantasten. In Gelderland is het aantal teken dat besmet is met de ziekte hoger dan elders.

De universiteit denkt nog een paar jaar onderzoek te moeten doen voordat duidelijk is hoe dat komt en hoe de teek bestreden kan worden.

Bron: Omroep Gelderland

Geschiedenis van Lyme
Al in 1910 werd de Lyme-ziekte door de Zweedse dermatoloog Afzelius beschreven.
In 1975 werd de ziekte herontdekt n.a.v. een epidemie van arthritis bij kinderen en volwassenen in de Noord-Amerikaanse stad Lyme in Connecticut. In 1982, zeven jaar later, ontdekte Willy Burgdorfer spirocheten in de ingewanden van teken. In 1983 toonde Johnson aan dat het hier handelde om een nieuwe soort van het geslacht borrelia en gaf, als eerbetoon, de bacterie de naam Borrelia Burgdorferi.
Lyme is dus een vrij recent ontdekte ziekte waar nog veel onderzoek op wordt gedaan. Er is zelfs vanuit de Europese Commissie een programma hiervoor opgezet omdat Lyme sterk oprukt vanwege de toenemende tekenpopulatie waardoor ook het aantal besmettingen oploopt.

Teken zijn ‘anthropods’ welke, samen met spinnen en schorpioenen, tot de familie van de ‘Arachnida’ behoren. Er bestaan twee tekensoorten; ‘harde’ en ‘zachte’.
Alle teken zijn bloedzuigers die parasiteren op gewervelde diersoorten als vogels, reptielen en zoogdieren, maar ook op mensen.
De harde teek, ‘Ixodes Ricinus’, drager van Borrelia (ziekte van Lyme), TBE, Ehrlichia en vele andere ziekten, komt het meest voor in de gematigde zones van de wereld.

Gedurende zijn levenscyclus ondergaat de teek verschillende ontwikkelingsstadia. Na uit het eitje gekomen te zijn, wordt de larve een nymph en uiteindelijk een volwassen teek.
Gedurende ieder ontwikkelingsstadium heeft de teek bloed als voeding nodig. Infecties worden door de teek dan ook via het bloed overgebracht.

Er zijn nu zo’n 850 soorten bekend. Teken bestaan al vele miljoenen jaren.
Zij houden van warme omstandigheden met een hoge luchtvochtigheidsgraad.
In het algemeen zitten zij op grassprieten. Met hun wuivende klauwen aan de voorpoten zoeken zij naar een passerende gast/slachtoffer.
De teek (I.Ricinus) heeft geen ogen en gebruikt de voelorganen om carbonzuur en butylzuur te detecteren.
Ook bewegingen in de vegetatie worden meteen opgemerkt. Zij laten zich onmiddellijk vallen op voorbijkomende dieren en mensen.

1. Zijn kleine teken ook te verwijderen met tekenpen?

Vanzelfsprekend, u hoeft alleen maar de punt iets dieper op de huid vlakbij de teek te drukken.
Een kleine teeknymph zal 3/10 tot 4/10 van een millimeter zijn. Dat is kleiner dan de dikte van de lassodraad. Daarom, bij mislukking: druk de lasso weer uit en controleer het binnenste om te zien of te verwijdering is geslaagd.

2. Trekken of draaien …?

Het beste is om te draaien. Testen op 100 teken hebben uitgewezen dat als u trekt, 87% van de teken zwaar beschadigd worden. Als u draait wordt maar 11% licht beschadigd. De teek heeft veel weerhaakjes op het zuigorgaan. De weerhaken en de lijmachtige substantie laten dus het beste los als u de teek wegdraait, en daarna trekt.

3. Overblijfselen in de huid. Wat te doen?

Als u de teek heeft verwijderd, kunnen er kleine overblijfselen van de kop van de teek in de huid achter blijven. Met een mesje of een naald kunt u deze zonodig verwijderen. Als u de teek met tekenpet heeft weggedraaid, zal de kop praktisch altijd met het hele lichaam verwijderd zijn. Microscopisch kleine deeltjes die zijn achter gebleven, zullen zonder enige complicatie door het eigen lichaams-immuunsysteem worden afgestoten.

4. Waarom niet met de hand maar met tekenpen?

Als u met uw vingers de teek vastpakt of grijpertjes of pincetten gebruikt, loopt u het risico dat u besmettelijke stoffen in de beetwond drukt. Daarom is het beter en veiliger een tekenpen te gebruiken die dit voorkomt en ook het risico van een ziekte of een gewone infectie vermindert.

5. Het weggooien van de teek…..

Omdat de teek altijd aan de punt van tekenpet blijft hangen, kunt u er zich op iedere gewenste manier van ontdoen zonder hem aan te raken. Gebruik geen vuur om de teek te doden. Het kunststof van tekenpet is niet vuurbestendig. Bovendien kan een met bloed volgezogen teek dan exploderen.

6. Kan een tekenpen schoongemaakt worden?

Ja, de tekenpen kan met heet water schoongemaakt of met alcohol gedesinfecteerd worden.

7. Is de duur van de overdracht van ziekte door een tekenbeet 48 uur …?

Nee, de ziekte van Lyme kan ‘onmiddellijk’ worden overgebracht! Daarom is het belangrijk dat een teek zo spoedig mogelijk wordt verwijderd.

8. Je merkt vaak niet dat je een teek hebt …..

Eenmaal op de huid aangeland, spuit de teek een verdovende kleefachtige substantie onder de huid. Zo kun je dus dagen rondlopen zonder iets gemerkt te hebben.

9. Aspirine innemen na de eerste koortsverschijnselen ……. ?

In geen geval Aspirine innemen, dat is heel gevaarlijk! Paracetamol mag wel.
Consulteer in elk geval onmiddellijk een huisarts voor toediening van een specifiek antibioticum.

10. Hoe oud kan een teek worden ?

Voor harde teken geldt een levensduur van 3 – 6 jaar.

11. Hoe lang duurt het tekenseizoen ?

Bij minus 5 graden C. kruipen teken in de grond. wordt de temperatuur hoger, dan komen ze weer naar boven. Dus ook tijdens een zachte winter, kunt u last van teken ondervinden.

12. Hoe zet de teek zich vast ?

De teek bezit aan de snuit twee schaartjes en twee harkjes met weerhaakjes. De teek knipt de huid open en werkt zich vervolgens razendsnel naar binnen.

13. Hoe komt het dat je bij een tekenbeet geen bloed ziet ?

De bloedzuigende teek is net een kleine chemische fabriek. Zij spuugt een substantie in tegen het dichtgroeien van de wond en ook enzymen die de stolling van het bloed tegengaan.

14. Hoelang duurt het voordat de teek vastzit ?

De teek brengt ook nog een stof in om zich als het ware vast te metselen. Dat kost een dag. Daarom kan de teek binnen de eerste 24 uur vrij gemakkelijk verwijderd worden.

15. Mag ik een teek wel verdoven met ether of alcohol ?

Absoluut niet. De teek reageert hier onmiddellijk op door het inspuiten c.q. uitbraken van mogelijke bacteriehoudend speeksel of de hele darminhoud.

16. Kun je immuun worden voor de ziekte van Lyme ?

Nee, het lichaam bouwt over het algemeen wel afweerstoffen op, maar dat voorkomt niet dat u bij een volgende beet weer geïnfecteerd wordt.

17. Kan een antibioticum de ziekte van Lyme voorkomen ?

Een anti-biotica kuur bestrijdt de ziekte. Het is niet bekend of en in welke mate deze middelen ook voldoende preventief werken. Aan personen bij wie de infectie een onaanvaardbaar risico zou inhouden, wordt wel eens een profylactische behandeling voorgeschreven.

18. Bestaat er een vaccin tegen de ziekte van Lyme ?

Er zijn wel vaccins ontwikkeld in Oostenrijk en Duitsland. Het gebruik daarvan wordt in Nederland echter niet gepropageerd. Men is druk doende een vaccin te ontwikkelen dat bestaat uit een cocktail van proteïnen. Wanneer dit op de markt kan en mag worden gebracht is nog niet bekend.

19. Zijn er goede werkzame antibiotica ?

Jazeker, doxycycline en tetracycline worden meestal aangewend voor de behandeling. Toepassing van het ene of het andere middel hangt af onder meer van het infectiestadium en het behandelingstype.

20. Als Lyme in een laat stadium ontdekt wordt, is een antibioticabehandeling dan nog effectief ?

De nog aanwezige (actieve of slapende) bacterie moet worden gedood.
Veel patiënten (ca.1/3) houden in een vergevorderd stadium van de ziekte ook na de behandeling vaak nog aanhoudende en wisselende verschijnselen.

21. Is de ziekte van Lyme overdraagbaar van de besmette mens op de niet besmette mens ?

Er zijn ons vooralsnog geen wetenschappelijke gegevens bekend die daarop duiden.

22. Kunnen ongeborenen besmet worden met de ziekte van Lyme ?

Er schijnen enkele gevallen van bekend te zijn. Procentueel dus te verwaarlozen !
Niettemin dient er geen enkel risico genomen te worden en is het aan te raden de huisarts en/of specialist te raadplegen.

23. Zijn er alternatieve middelen om de ziekte van Lyme te genezen ?

Op basis van plantenextracten zijn er de middelen BORALYME en NERVA.
Deze middelen kunnen in combinatie met antibiotica als aanvulling gebruikt worden.

24. Zijn er teekwerende middelen ?

Ja, deze middelen bevatten DEET (N,N-diethyl-meta-toluamide). De werking is gedurende enige uren effectief.
Teveel en te vaak insmeren wordt niet aangeraden en zeker bij kleine kinderen wordt overmatig gebruik afgeraden.
Ook zijn er sprays met het middel Permethrin die over de kleding gespoten kunnen worden.

25. Hebben de teken een hekel aan knoflook ?

Ja, maar dit betekent niet dat u niet gebeten kunt worden.

26. Wat is het percentage van besmette teken ?

In Nederland wordt dit geschat op inmiddels 35 – 40%. In landen als Zweden, Oostenrijk en Oostbloklanden loopt dit zelfs op tot boven de 50%.

27. Is het een gegeven dat na een beet van een besmette teek de ziekte van Lyme opgedaan wordt ?

Nee, dit is geen vaststaand gegeven. De schattingen hierover lopen ver uiteen. Ook schijnt het individueel bepaald te zijn. Jeugdigen en mensen op leeftijd schijnen een groter risico te lopen.

28. Krijg je na een beet van een besmette teek altijd rode kringen en vlekken ?

Nee, de een zal snel tekenen (rode cirkels c.q. vlekken) krijgen, de ander niet – resp. in een verhouding van ca. 60 : 40.

29. Kunnen (huis)dieren de ziekte van Lyme krijgen ?

Ja, maar bij dieren is het nog veel moeilijker te constateren. Dieren met een dunne vacht en huid zijn al vlug het slachtoffer. Reeën, schapen, paarden, vogels, kleine knaagdieren, honden en katten kunnen als gevolg van Lyme verminderde eetlust, verlammingen, sloomheid, koorts en gewrichtontstekingen vertonen.
Er wordt aangenomen dat wild er niet of nauwelijks last van heeft en dat gevoelige huisdierrassen een groter risico lopen.

30. Kan de besmetting door consumptie van melk worden overgebracht ?

Door consumptie van ongepasteuriseerde melk van besmette koeien, geiten of schapen schijnt dit inderdaad het geval te zijn. Het is niet uit te sluiten dat dit ook geldt voor de consumptie van rauw vlees.

31. Moet ik een teek bewaren na hierdoor gebeten te zijn ?

Omdat in veel landen andere soorten teken voorkomen met de daarbij behorende ziekten anders dan Lyme, is het sterk aan te bevelen de teek te bewaren voor onderzoek. Er kan dan gericht behandeld worden.

Reanimatie richtlijnen 2010

Op 18 oktober 2010 publiceerde de European Resuscitation Council ( ERC ) de nieuwe richtlijnen voor de reanimatie.
De laatste wijziging dateert van 28 november 2005. Het is noodzakelijk om de uitkomst van de reanimatie te verbeteren, wetenschappelijk onderzoek ligt dan ook ter grondslag van deze veranderingen. De reanimatiehandelingen moeten eenduidig en gemakkelijk, zelfs door een leek, moeten zijn uit te voeren. De nieuwe richtlijnen worden op het ERC congres in Porto op 2,3 en 4 december 2010 uitvoerig toegelicht. Nederland heeft op 19 januari 2011 tijdens het NRR congres te Nieuwegein de richtlijnen toegelicht. Hierbij een paar wijzigingen :

  • Borstkas compressiediepte wordt minimaal 5 cm en mag de 6 cm niet overschrijden.
  • Borstkas compressiesnelheid wordt minimaal 100 per minuut en mag de 120 per minuut niet overschrijden.
  • Voor de getrainde leek (reanimist) blijven de twee beademingen na 30 borstkascompressies. (CV 30:2)
  • Alle hulpverleners, al dan niet getraind, moeten borstkas compressies geven aan een persoon met een circulatiestilstand.
  • Het continueren van de borstkas compressies tijdens het opladen van de AED wordt aanbevolen. Tijdens de defibrillatie proberen om binnen 5 seconden de borstkascompressies te hervatten.
  • Het gebruik van feedbackapparatuur tijdens de reanimatie wordt aangemoedigd.

Harnas Suspension Trauma

Het grootst onderschatte gevaar bij val van hoogte in industriële toepassingen of in de bergsport is het Harnas Suspension Trauma (HST).

Wat is Harnas Suspension Trauma en waardoor ontstaat het

Harnas Suspension Trauma is onvoldoende circulerend bloed in het lichaam, waardoor het slachtoffer in shock geraakt en  binnen een kwartier zal overlijden.

Bij iemand in een harnas, die een val van hoogte maakt en hierdoor gewond raakt of het bewustzijn verliest, knellen de beenlussen van het harnas de aders in de liezen af. Hierdoor wordt er wel bloed via de slagaders het been ingepompt, maar kan geen bloed meer naar het lichaam worden teruggepompt. Het bloed wordt hierdooor ‘opgeslagen’ in de benen.

Eisen aan het werken op hoogte

De Arbodienst  stelt steeds hogere eisen aan werken op hoogte. Allereerst moet er een RI&E zijn opgesteld. Uit deze RI&E  blijkt dan vaak, dat op het moment dat hoogtewerkzaamheden verricht worden, er onvoldoende opgeleid personeel aanwezig is om redding bij ongevallen op hoogte te kunnen uitvoeren.

Onze visie

Onze visie is dat redding bij Harnas Suspension Trauma er op gericht moet zijn om het slachtoffer bij bewustzijn te houden. Hiervoor zijn verschillende methodes voorhanden, De belangrijkste is met  het slachtoffer praten en hem instrueren en aanmoedigen om met zijn benen een ‘fietsbeweging’ te  maken.  Mocht een slachtoffer bewusteloos geraken (wat al na 5 minuten kan intreden als het slachtoffer niet geïnstrueerd wordt), dan is het noodzaak het slachtoffer zo spoedig mogelijk op een vaste ondergrond te krijgen.

De volgende handelingen achten wij van levensbelang. Voordat het slachtoffer op de vaste ondergrond is, moet er een kunstmatige afsluiting van de liezen worden bewerkstelligd door de bovenbenen op te trekken naar de borstkast. Vervolgens worden direct voorafgaand aan het neerleggen van het slachtoffer stap voor stap de benen weer gestrekt. Hierdoor wordt het bloed uit de benen geleidelijk weer naar het hart teruggeleid. Met deze handelingen wordt voorkomen, dat er ineens een grote hoeveelheid bloed vrijkomt, waardoor het hart ‘verdrinkt’ in zijn eigen bloed en het slachtoffer overlijdt.

Over de gehele wereld wordt met verschillende visies omtrent Harnas Suspension Trauma gewerkt. Wij zijn van mening dat onze aanpak het beste werkt, omdat deze het beste onderbouwd is. Vanuit onze medische en rope-access kant kunnen wij verantwoorden waarom wij zo werken.

Bent u geïnteresseerd geraakt

Wij leiden graag uw medewerkers op. Wanneer u geinteresseerd bent geraakt, neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op. We zijn in staat om een cursus op maat te verzorgen die naadloos aansluit op uw wensen.

Pleister(s) gebruiken

Verwondingen behandelen met pleister(s)

Op deze pagina ziet u voorbeelden hoe een pleister op diverse lichaamsdelen te plakken, zonder dat er een risico wordt gelopen
om de pleister te strak te plakken. Het lichaamsdeel blijft, voor zover van toepassing, zijn functie behouden.

Alles op papier hebben? download pleisters-plakken.pdf en print hem uit.

Ongeval1 Ongeval2 Ongeval3 Ongeval 4
1. Wond op de knokkel van de hand
Wondopdeknokkel
Stap 1
Wondopdeknokkel2
Stap 2
Wondopdeknokkel3
Stap 3

Een goede pleister over de knokkel van een vinger. Onder de pleister even vastleggen met een stukje
kleefpleister.

2. Wond op vingertoppen
Wondopvingertop1
Stap 1
Wondopvingertop2
Stap 2
Wondopvingertop3
Stap 3
Wondopvingertop4
Stap 4
Wondopvingertop5
Stap 5

Een goede pleister over de vingertop.

3. Wond op gewricht van een vinger
Wondopgewrichtvanvinger1
Stap 1
Wondopgewrichtvanvinger2
Stap 2
Wondopgewrichtvanvinger3
Stap 3
Wondopgewrichtvanvinger4
Stap 4

Een goede pleister over het gewricht van een vinger.

4. Wond op een vinger
Wondopeenvinger1
Stap 1
Wondopeenvinger2
Stap 2
Wondopeenvinger3
Stap 3

Een goede pleister over de vinger.

5. Wond op het duimgewricht
Wondophetduimgewricht1
Stap 1
Wondophetduimgewricht2
Stap 2
Wondophetduimgewricht3
Stap 3

Een goede pleister op het duimgewricht. Onder aan de duim even vastleggen met een stukje kleefpleister.

6. Wond tussen vingers of de tenen
Wondtussenvingerstenen

Voor tussen de vingers of de tenen.

7. Wond op de neus
Verwondingneus

Voor verwonding op de neus.

RISK Ambulance

RISK Organisatie is een dynamische organisatie met gekwalificeerde docenten voor verschillende onderwerpen. RISK Organisatie is gespecialiseerd in het geven van bedrijfsgerichte advisering en/of opleidingen, waarbij specifiek aandacht wordt gegeven aan de bedrijfsrisico’s van de opdrachtgever. RISK Organisatie onderscheidt zich door het leveren van opleidingen op maat en een zeer hoge kwaliteit. wij werken in het belang van de werknemer én werkgever. Onze aanpak zich niet alleen richt op de problemen van dat moment, maar ook op de lange termijn, zodat er een duurzame oplossing tot stand komt. Ons traject is maatwerk en u haalt expertise binnen op basis van behoefte, deze kennis is van hoog niveau en altijd actueel. Tevens beschikken wij over een omvangrijk netwerk van professionals. En om ons extra te onderscheiden van collega bedrijven beschikken wij over een volledig uitgeruste ambulance.

De ambulance wordt hoofdzakelijk ingezet bij specifieke opleidingen. Waar nodig of gewenst kan de ambulance ook tijdens een BHV-oefening of BHV-audit ingezet worden.

 

Tiltechniek

Omschrijving:
De deelnemer leert om de wervelkolom aan te sturen naar de natuurlijke stand en kan dit bij zichzelf en zijn/haar collega`s controleren. De deelnemer leert dit in de praktijk toe te passen. Dit gebeurt volgens de ‘physical sense methodiek’.

Certificering gaat in grote lijnen volgens onderstaande methode:

  • Ervaren van de steunfunctie van de natuurlijke stand van de wervelkolom
  • Sturen van de wervelkolom naar de natuurlijke stand
  • Betrouwbare referentiepunten in het eigen lichaam zoeken voor het bepalen van de natuurlijke stand van de wervelkolom
  • Handgrepen leren en leren toepassen voor het controleren van de natuurlijke stand van de wervelkolom en die van collega`s
  • De natuurlijke stand van de wervelkolom leren toepassen in de praktijk:
    – Zittende activiteiten
    – Staande activiteiten
    – Lopen, bukken, tillen, reiken, trekken, duwen en draaien.

Werken met een quad

Quad-rijden is niet zonder risico.

Omschrijving:
In deze opleiding leren de deelnemers de mogelijkheden en onmogelijkheden van een quad kennen. De opleiding bestaat uit een theoretisch gedeelte, waarin mogelijke risico’s worden besproken en een praktijkgedeelte, waarbij met een quad wordt gereden. Het zwaartepunt van de opleiding bestaat uit praktijkoefeningen die zijn uitgezet in het terrein. U kunt hierbij denken aan o.a.:

  • Maken van een noodstop
  • Het maken van een noodstop in een bocht
  • Het anticiperen op diverse ondergronden
  • Het rijden tegen een talud
  • Controle van het voertuig

Bij goed gevolg van de opleiding ontvangt de cursist een certificaat.

Het volgen van de opleiding kan de premie van de verzekering mogelijk verlagen.

Zoals u wellicht bekend is, stelt de Nederlandse wetgeving eisen aan werkgevers op het gebied van veiligheid en instructie. Een werknemer moet altijd voorbereid zijn op zijn werkzaamheden door middel van opleiding, zodat ongelukken tijdens het verrichten van werkzaamheden waar mogelijk worden voorkomen. De instructeurs hebben een officieel Quad Instructor Diploma van het E.A.S.I. en zijn in staat deelnemers een gedegen training te geven, die internationaal erkend is.

Hijsen en heffen

Doelgroep
Medewerkers die werkzaamheden uitvoeren waarbij gebruik wordt gemaakt van hijs- en hefapparatuur, zoals bijvoorbeeld een bovenloopkraan.

Onderwerpen die aan de orde komen:

  • Theorie & praktijk
  • Diverse wet- & regelgeving
  • Veiligheidsvoorschriften
  • Werken met seinen en code’s
  • Zichtsbeperkingen
  • Bediening, controle
  • Technische staat en keuringen,
  • Voorschriften / certificaten hulpmiddelen